
Science Café
Een kring om de maan, het morgenrood, de regenboog: het zijn natuurverschijnselen die we allemaal wel eens hebben gezien. Maar wie kent de ring van Bishop, de bogen van Lowitz, de onderzon of de groene flits? Wat is een fata morgana? En hoe komt het dat de lucht blauw is?
Zo verschillend als ze zijn hebben al deze fenomenen één ding gemeen: het zijn hemelverschijnselen die ontstaan door het spel van zon- en maanlicht met deeltjes in de dampkring van de aarde. Daarom worden ze ‘optische verschijnselen’ genoemd. We komen deze kleureffecten meer dan eens tegen in oude weerspreuken, omdat veel van deze verschijnselen ons iets meer vertellen over het weer van nu en morgen. Er zijn allerlei soorten optische verschijnselen. Veel zien we gemakkelijk over het hoofd, maar we kunnen ze allemaal gewoon met het blote oog waarnemen. Het enige wat ons daarin op weg helpt is te weten hoe, waar en wanneer te kijken.
Nederland kent een lange geschiedenis van waarnemingen van deze optische verschijnselen. Door het KNMI zijn meer dan tachtig jaar lang waarnemingen door het publiek verzameld, bewerkt en gepubliceerd. Juist toen het KNMI deze activiteit in 1965 beëindigde, begon een generatie jonge ‘weeramateurs’ met het waarnemen van optische verschijnselen en ontstond een nieuw waarnemersnetwerk. Nu, zestig jaar later, is door dit netwerk een waarnemingsreeks opgebouwd die aansluit op de oude KNMI-reeks. In die zestig jaar zijn de nodige inzichten op dit gebied bijgesteld en zijn ook tot dan toe nog niet bekende verschijnselen waargenomen en geïdentificeerd. Deventenaar Peter Paul Hattinga Verschure is de spil in dit netwerk en in Nederland dé deskundige op het gebied van optische verschijnselen in de dampkring. In zijn lezing zal hij niet alleen vertellen over de vele verschijnselen die te zien zijn, maar ook hoe belangrijk de rol van de waarnemer en de bewerker van de waarnemingen is.
Juist optische verschijnselen blijken nogal gevoelig te zijn voor misinterpretatie en subjectieve speculaties. Het correct bepalen van een waargenomen verschijnsel vraagt om informatie, kennis en een zekere ervaring op dit veelzijdige gebied. Daarbij zijn een scherpe en beschouwende waarnemersblik, een zeker ruimtelijk inzicht én het vermogen om het waargenomen verschijnsel heel precies te beschrijven en te documenteren de voorwaarden voor zorgvuldige en verifieerbare verslaglegging. Omgekeerd heeft de persoon die aangeleverde waarnemingen bewerkt, dezelfde kwaliteiten nodig om die waarnemingen die in de praktijk onvermijdelijk altijd voor een deel subjectief zijn, correct te interpreteren voor een juiste determinatie van de waargenomen verschijnselen. Alleen zo kan waarnemingsmateriaal wetenschappelijk van belang zijn.
Peter Paul Hattinga Verschure houdt zich sinds zijn jonge jaren bezig met het waarnemen, fotograferen en documenteren van optische verschijnselen. Sinds 1972 is hij het verzamelpunt van waarnemingen in Nederland en verzorgt hij maandelijkse overzichten in het blad Weerspiegel van de Vereniging voor weerkunde en klimatologie. Hij publiceerde talrijke artikelen in binnen- en buitenlandse tijdschriften. In 2023 verscheen van hem het boek Optische verschijnselen in Nederland dat een compleet overzicht bevat van de waarnemingen van 1966 tot en met 2020. In 2025 ontving hij de dr. J. van der Biltprijs van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde voor zijn complete werk op het gebied van optische verschijnselen.
Live muziek wordt verzorgd door Dubio en moderator is Ilse Roelofsen.


